Sneller naar resultaat

Hoe vaak is een gesprek dat je voert echt concreet? Geheel oprecht en gericht op de waarheid? Hoe vaak heb je echt waardevolle conversaties? Gesprekken waarin je op een open manier snel richting doel gaat en samen oplossingen bedenkt. Oplossingen die ook nog eens aanzetten tot actie. Minder vaak dan je waarschijnlijk wilt. Mickey Connelly en Richard Rianosheck ontwikkelden (zie hun boek The Communication Catalyst) een snelheidsmeter voor gesprekken. Hiermee kun je checken in welke ‘versnelling’ jij jouw gesprekken voert.

Hoe je in de hoogste versnelling komt? De eerste stap is het herkennen van de lagere versnellingen. Als je hier alert op bent, kun je de signalen waarop een gesprek kan mislopen makkelijk herkennen. Train jezelf en je collega’s hierin en bepaal samen hoe snel jullie tot het gewenste resultaat komen.

Schijn bedriegt

De eerste versnelling noemen de auteurs pretense. Je zegt – om wat voor reden dan ook – niet wat je werkelijk vindt. Hieraan maken we ons allemaal aan de lopende band ‘schuldig’. Zelden uit kwade bedoelingen, overigens. Heel vaak is een onwaarheid namelijk een (ongeplande) reactie op iets anders. Je schrikt ergens van, flapt er iets onhandigs uit en beseft pas daarna dat het niet helemaal klopt wat je net zei. Maar durf je nog terug nu? Of we durven het achterste van onze tong niet te laten zien. Kortom, we moeten vaak snel e onder druk beslissen en zijn dan bang dat we niet perfect kunnen omgaan met de consequenties van onze eerlijkheid. We liegen dus niet opzettelijk of met voorbedachten rade. Helaas is het gevolg wel net zo negatief. We gokken er onbewust op dat misleiding effectiever voor ons werkt dan rechtdoorzee zijn. Met als gevolg dat onze communicatie er alleen maar omslachtiger van wordt.

Het is de waarheid

In de tweede versnelling meen je oprecht wat je zegt, heel belangrijk in een gesprek. Het betekent dat je je vrij voelt om te spreken. Je deelt je waarnemingen, percepties en interpretaties in de overtuiging dat ze ook kloppen. Helaas oppperen mensen hier vaak ook zaken die off topic zijn. Of, ze vragen wel naar perspectieven van anderen maar verwerpen die vervolgens omdat ze niet in hun straatje passen. Je intentie kan dus heel oprecht zijn, maar de ander ervaart dit anders. Het gesprek wordt hierdoor niet concreet en er onstaat zo geen commitment. Als jij namelijk stug vasthoudt aan je standpunt, zal de ander dit ook doen. Jullie verharden en er ontstaat weerstand. Als iemand al ‘ja’ zegt op jouw voorstel, is hij dit al snel weer kwijt en wordt er dus geen gevolg aan gegeven.

Feitelijke waarde

In derde versnelling op de meter speelt accuraat zijn de hoofdrol. Jullie weten waarneembare feiten te scheiden van jullie eigen inzichten en meningen. Jullie hebben een open, nieuwsgierige houding en zijn je ervan bewust dat niemand alle wijsheid in pacht heeft. Jullie zijn op zoek naar een gedeelde realiteit. De valkuil is alleen dat we onszelf vaak niet de tijd gunnen om stil te staan bij de feiten of inzichten die een ander inbrengt. We denken sneller te zijn als we deze stap overslaan. In dit geval zorgt langzaam gaan echter juíst voor versnelling: alleen als jij laat zien dat je van de ander wil leren, wil de ander dit ook!

Authenticiteit

In de hoogste versnelling gaan jullie recht op je doel af, juist doordat je je in de doelen van een ander verdiept. Onderzoek altijd eerst de intenties en verlangens van de ander en kijk niet meteen naar de beoogde resultaten. Het respecteren van de doelen, zorgen en omstandigheden van je gesprekspartner – ook als je het niet met elkaar eens bent – is cruciaal om een waardevol gesprek te voeren (in de blog ‘Gebruik tegenstellingen als verbinder’ lees je hoe dit fenomeen precies werkt). Het zorgt ervoor dat de ander zich gehoord en gewaardeerd voelt en zich openstelt. Alleen dan kan er een open gesprek ontstaan en kun je samen oplossingen bedenken en in actie komen.

Om de verbinding te zoeken met je gesprekspartner, kun je jezelf – of eigenlijk elkaar – een aantal vragen stellen:

  • Hoe zijn onze doelen met elkaar verbonden?
  • Wat moeten we elkaar dan geven/gunnen?
  • Welk concreet uitvoerbaar idee vinden we allemaal belangrijk?
  • En waarvoor hebben we elkaar nodig?

Deze vragen voelen misschien alsof het gaat om het sluiten van compromissen. En dat doen we gevoelsmatig liever niet te vaak (want we denken dan: ‘Ik krijg niet -helemaal- wat ik wil’). Het mooie is juist dat dit voorbij compromissen gaat: door deze vragen te stellen, ben je bezig met vernieuwing. Je richt je op het samen vinden van nieuwe mogelijkheden die jullie afzonderlijk niet zouden ontdekken.

Sneller naar resultaat
Mascha
1 september 2021